Squash
Tafeltennis
Tennis
Competentie toetsen
Studiedagen
Extra info

De rol van techniek
Badminton is net zoals andere racketsporten
een technisch moeilijke sport. Het vergt veel tijd om je bepaalde technische
principes eigen te maken. Die tijd ontbreekt normaliter in het onderwijs.
Het aantal lessen c.q. lesdelen dat er in het totale vakwerkplan voor racketsporten
in het algemeen en badminton in het bijzonder staat ingeruimd, is ontoereikend
om techniek vergaand aan te leren. Dit staat nog los van het feit dat veel
leerlingen weinig geïnteresseerd zijn in technische aanwijzingen en vaak
meer interesse hebben in spelen dan in oefenen.
Eindeloos hameren op techniek kan en moet dus ook niet het doel zijn van de
lessen op school.
Wat ons inziens wel het doel moet zijn, is het aanbieden van allerlei spelletjes
c.q. spelvormen die kinderen zo uitdagen dat ze badminton leuk gaan vinden,
zodat zij het zelf na schooltijd vaker willen gaan spelen in (on)georganiseerd
verband.
Dit wil overigens niet zeggen dat
techniek geen aandacht moet krijgen. Integendeel.
Bepaalde technische aanwijzingen kunnen prima helpen spelproblemen op te lossen.
Anders geformuleerd; techniek moet gezien worden als middel en niet als doel op zich.
Ondanks dit uitgangspunt wordt er op deze site toch aardig wat gedetailleerde aandacht besteed aan de verschillende slagtechnieken. Dat lijkt misschien tegenstrijdig, maar is het zeker niet. Een docent zal het inzicht in de technieken immers wel nodig hebben. Juist als het gaat om kinderen met zo min mogelijk technische balast zoveel mogelijk te laten spelen, is inzicht voor de docent in de bewegingen cruciaal. Hij zal immers constant de afweging moeten maken welke technische aanwijzing nu wel en welke nu niet bijdragen aan het snel leren oplossen van een spelprobleem. M.a.w. wat is er echt belangrijk en waarmee kunnen kinderen zich ook, technisch gezien, redden?
Een voorbeeld ter
verduidelijking.
De meest gebruikte greep bij badminton is de “shake-hands-greep”.
Het aanleren van die greep kost meestal veel tijd en energie van de docent.
De meeste kinderen hanteren van nature deze greep niet automatisch en zullen
dus regelmatig persoonlijk gecorrigeerd moeten worden. Met groepen van 30
kinderen wordt dat een lastige opgave gezien ook de beperkte beschikbare tijd.
Het spelen met een zogenaamde “mattenkloppergreep” is niet de
meest ideale manier om het racket vast te pakken, omdat het nogal beperkend
is naar het kunnen versnellen (diep slaan) van een shuttle. Toch is het een
veel gebruikte greep bij kinderen. Het geeft een kind namelijk sneller controle
over het zwaaiende racket i.r.t. de aankomende shuttle (anders gezegd; de
oog- handcoördinatie is eenvoudiger) en dus zal dat kind eerder in staat
zijn om op die manier een spelletje te spelen. Voor de lange termijn dus een
greep met beperkingen, maar voor het onderwijs wel bruikbaar om snel te komen
tot spel.
Onder het stukje visie op de openingspagina
wordt verder toegelicht hoe er vanuit spel(letjes) kan worden gewerkt en welke
rol de techniek daarin kan spelen.